Transitievergoeding

Onder welke voorwaarden heeft een werknemer recht op een transitievergoeding? Bestaat dit recht bijvoorbeeld ook wanneer sprake is van een doorstart vanuit faillissement? Of nadat de aanzegging al heeft plaatsgevonden omdat een werknemer passend werk weigert? De vraag of een AOW-gerechtigde werknemer recht heeft op een transitievergoeding bij beëindiging van het dienstverband is overigens ook nog niet uitgemaakt.

De hoofdregel is dat een werknemer op grond van de wet onder meer recht heeft op een transitievergoeding indien zijn dienstverband langer dan 24 maanden heeft geduurd en de arbeidsovereenkomst door de werkgever is opgezegd. Deze fiscale vergoeding is bedoeld om de werknemer te compenseren voor (de gevolgen van) het ontslag, alsook om de transitie naar een andere baan voor de werknemer te vergemakkelijken. De hoogte van de transitievergoeding wordt bepaald op basis van het maandsalaris en het aantal dienstjaren. De maximale hoogte van de transitievergoeding is € 79.000,00, of maximaal 1 bruto jaarsalaris indien het jaarsalaris hoger is dan € 79.000,00.

Deeltijdontslag

Een werknemer kan ook recht hebben op een transitievergoeding bij deeltijdontslag (een gedeeltelijke beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst). Oftewel, een transitievergoeding naar evenredigheid van de omvang van die beëindiging. Dit betekent dat een werknemer die eerst 1 wtf werkte en vervolgens zijn arbeidstijd verminderd ziet naar 0,4 wtf, recht kan hebben op een transitievergoeding voor zijn ‘verloren’ 0,6 wtf. Dit recht heeft een werknemer echter niet in alle gevallen. Het recht op een gedeeltelijke transitievergoeding bestaat in het geval dat, door omstandigheden gedwongen, wordt overgegaan tot ‘een substantiële en structurele vermindering van de arbeidstijd’. Denk hierbij aan het noodzakelijkerwijs vervallen van arbeidsplaatsen wegens bedrijfseconomische omstandigheden of aan blijvende gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid van de werknemer. Er moet echter wel sprake zijn van een vermindering van de arbeidstijd met ten minste 20 (twintig) procent die naar redelijke verwachting blijvend zal zijn. Oftewel, partijen gaan ervan uit dat de minstens 20% vermindering van de arbeidsuren voor een lange periode zal gelden.

Geen pensioenplafond bij transitievergoeding

Stel, u hebt sinds 40 jaar een werknemer in dienst die ruim twee jaar geleden arbeidsongeschikt is geworden. Nadat u hem gedurende 104 weken zijn salaris hebt doorbetaald, ontvangt hij een IVA-uitkering. U wilt de arbeidsovereenkomst met deze werknemer beëindigen. De werknemer is immers volledig en duurzaam arbeidsongeschikt en zal zijn werkzaamheden niet meer kunnen hervatten. Nadat u een ontslagvergunning bij het UWV hebt verkregen, zegt u de arbeidsovereenkomst op. U houdt daarbij keurig rekening met de overeengekomen opzegtermijn. U weet dat uw werknemer een half jaar na beëindiging van de arbeidsovereenkomst AOW-gerechtigd zal zijn. Wat moet u vervolgens doen?

Betaalt u uw werknemer een vergoeding die gelijk is aan het salaris over de maanden tot de AOW gerechtigde leeftijd? U bent bijvoorbeeld van mening dat het niet redelijk zou zijn wanneer uw werknemer een ontslagvergoeding zou krijgen die hoger is dan zijn inkomstenderving tot de AOW-leeftijd. Of bent u toch de volledige transitievergoeding verschuldigd?

Het antwoord is het laatste. Een werknemer die kort voor het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd wordt ontslagen, kan namelijk recht hebben op een transitievergoeding die hoger is dan het loon dat hij zou hebben ontvangen wanneer hij in dienst zou zijn gebleven. Kortom: u doet er goed aan om, wanneer u ontslag overweegt van een werknemer die op korte termijn AOW-gerechtigd wordt, wat berekeningen te maken. Wat kost u een ontslag (inclusief volledige transitievergoeding) en welke kosten hebt u als u uw werknemer laat doorwerken tot AOW-leeftijd. Denkt u er daarbij aan dat de transitievergoeding niet verschuldigd is wanneer een arbeidsovereenkomst wordt opgezegd of ontbonden met een werknemer die de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt. Het kan daarom lonen uw oudere werknemer tot die leeftijd te laten doorwerken.

Wetsvoorstel

Op 5 juli 2018 is het Wetsvoorstel compensatie transitievergoeding langdurig arbeidsongeschikte werknemers door de Tweede Kamer aangenomen (hamerstuk). Op grond van de gewijzigde wettekst treedt de regeling op 1 april 2020 in werking, indien ook de Eerste Kamer instemt met het wetsvoorstel. Wat zal er door dit wetsvoorstel veranderen?

Het wetsvoorstel ‘Wetsvoorstel compensatie transitievergoeding zieke werknemers’ is bedoeld om de knelpunten die door werkgevers bij de re-integratie van zieke werknemers worden ervaren, te verminderen. De werkgever kan binnen zes maanden na het ontslag van een werknemer (met als ontslaggrond de langdurige ziekte) een aanvraag indienen bij het UWV om de transitievergoeding die aan de werknemer is betaald terug te krijgen. Het bedrag dat het UWV aan de werkgever verstrekt kan verhoogd worden met de kosten die op grond van artikel 7:673 lid 6 BW op de transitievergoeding in mindering mogen worden gebracht.  Let op: compensatie van transitievergoedingen verstrekt in de periode 1 juli 2015 tot en met 1 april 2020 kunnen uiterlijk tot 1 oktober 2020 worden ingediend door werkgever. Tijdige indiening is om die reden noodzakelijk! 

Vragen?

Vragen over wanneer een werknemer recht heeft op een transitievergoeding? Neem contact op met één van de specialisten Arbeidsrecht!