KienhuisHoving-Academy KienhuisHoving-Academy
Website
KienhuisHoving-Academy

Wetsvoorstel bestuur en toezicht rechtspersonen: nota van wijziging verschenen

Geplaatst op 22 november 2018 13:07 door Matthijs van Rozen
Geschatte leestijd: 4 minuten

De nota van wijziging voor het Wetsvoorstel bestuur en toezicht rechtspersonen is in november 2018 verschenen. De veranderingen omvatten onder meer de regeling voor ontstentenis en belet, gedifferentieerd stemrecht, de aansprakelijkheid van bestuurders en toezichthouders bij informele en niet-commerciële verenigingen en stichting en het monistisch (one tier) bestuursmodel.

Het Wetsvoorstel bestuur en toezicht rechtspersonen is al geruime tijd in behandeling, zie hierover eerdere blogs. Op 19 november 2018 is een nota van wijziging verschenen. De belangrijkste wijzigingen ten opzichte van het eerdere wetsvoorstel zijn hieronder vermeld.

Geen verplichte ontstentenis en belet regeling stichting en vereniging

Stichtingen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen behoeven niet verplicht een regeling voor ontstentenis of belet van bestuurders en commissarissen in de statuten op te nemen. Voor de B.V. en N.V. blijft de verplichting gelden.

Geen beperking bij gedifferentieerd stemrecht bestuurders

Bestuurders en commissarissen kunnen verschillende stemmen uitbrengen. De beperking dat één bestuurder of commissaris niet meer stemmen kan uitbrengen dan de overige tezamen, vervalt voor stichtingen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen. Voor de B.V. en N.V. blijft de beperking gelden.

Aanduiding Raad van Toezicht bij de stichting en vereniging toegestaan

Het toezichthoudend orgaan wordt als raad van commissarissen aangeduid, maar in de wet wordt vermeld dat de raad van commissarissen van een vereniging en een stichting ook kan worden aangeduid als raad van toezicht.

Aansprakelijkheid bestuurders en commissarissen bij niet-commerciële stichtingen en verenigingen

In het oorspronkelijke wetsvoorstel golden de regels voor bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement ook voor informele en niet-commerciële stichtingen en wijzigingen. Deze regeling betrof het bewijsvermoeden van onbehoorlijk bestuur als de rechtspersoon kort gezegd niet heeft voldoen aan de boekhoudplicht of publicatie van de jaarrekening.

Dit bewijsvermoeden geldt voortaan alleen voor verenigingen en stichtingen die vennootschapsbelastingplichtig zijn. Ook geldt dit voor stichtingen verenigingen die een soortgelijke financiële verantwoording moeten opstellen, ook als zijn niet vennootschapsbelastingplichtig zijn, waarbij zorginstellingen woningcorporaties, onderwijsinstellingen en pensioenfondsen genoemd worden.

Dit betekent uiteraard niet, dat bestuurders en commissarissen van informele en niet-commerciële verenigingen en stichtingen niet aansprakelijk zouden kunnen zijn.

Uitzondering op het bestuursverbod

Indien een bestuurder of commissaris van een stichting door de rechter wordt ontslagen, geldt voor deze  van rechtswege een bestuursverbod van vijf jaar.  Nieuw is dat de rechter in individuele gevallen een uitzondering kan maken, als de bestuurder geen ernstig verwijt kan worden gemaakt.

One tier board (monistisch systeem) bij vereniging en stichting toegestaan

Ook stichtingen en verenigingen kunnen expliciet voor een monistisch (one tier) bestuursmodel gaan kiezen in de statuten, waarbij een taakverdeling tussen de uitvoerende en niet uitvoerende bestuurders wordt vastgelegd.


Matthijs van Rozen