KienhuisHoving-Academy KienhuisHoving-Academy
Website
KienhuisHoving-Academy

Wet kwaliteitsborging aangenomen door Eerste Kamer

Het wetsvoorstel kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) is in februari 2017 aangenomen door de Tweede Kamer. De stemming in de Eerste Kamer werd geruime tijd aangehouden in verband met bezwaren van een aantal eerste Kamerfracties. Inmiddels is de kogel door de kerk. Op 14 mei 2019 is het wetsvoorstel ook aangenomen door de Eerste Kamer. Wat betekent dit in de praktijk?

Versterking positie van de opdrachtgever

De positie van de opdrachtgever, in het bijzonder de bouwconsument, wordt door de invoering van de Wkb op meerdere onderdelen versterkt.

-     Waarschuwingsplicht
Een aannemer is onder het huidige recht gehouden om de opdrachtgever bij het aangaan of het uitvoeren van de overeenkomst te waarschuwen voor onder meer onjuistheden, gebreken en fouten in de opdracht en in zaken en documenten die afkomstig zijn van de opdrachtgever. Onder de Wkb wordt daaraan toegevoegd dat bij de aanneming van een bouwwerk, een waarschuwing altijd schriftelijk en ondubbelzinnig moet zijn. Ook moet de aannemer de opdrachtgever wijzen op de mogelijke gevolgen voor de deugdelijke nakoming van de overeenkomst. Van deze bepaling kan niet ten nadele van een bouwconsument worden afgeweken.

-     Aansprakelijkheid na oplevering
Op basis van de huidige wetgeving is een aannemer na oplevering van een bouwwerk in beginsel niet meer aansprakelijk voor gebreken die de opdrachtgever tijdens de oplevering redelijkerwijs had moeten ontdekken. Onder de Wkb verandert dit en is de aannemer na oplevering aansprakelijk voor alle gebreken die bij de oplevering niet zijn ontdekt, tenzij de gebreken niet aan de aannemer zijn toe te rekenen. Van deze bepaling kan niet ten nadele van een bouwconsument worden afgeweken. In andere gevallen kan alleen ten nadele van de opdrachtgever worden afgeweken indien dit uitdrukkelijk in de overeenkomst is opgenomen.

-     Opleverdossier
De Wkb brengt verder mee dat de aannemer bij de aanneming van een bouwwerk vóór de oplevering een dossier aan de opdrachtgever moet verstrekken. Dit dossier bevat in ieder geval tekeningen en berekeningen betreffende het bouwwerk en de bijbehorende installaties, een beschrijving van de toegepaste materialen en installaties, de gebruiksfuncties van het bouwwerk en gegevens en documenten die nodig zijn voor gebruik en onderhoud van het bouwwerk.

-     Melding zekerheden
Bij de bouw van een woning voor een consument moet de aannemer de opdrachtgever, voordat de opdrachtgever gebonden is aan een overeenkomst, schriftelijk en ondubbelzinnig informeren over de financiële zekerheden van de aannemer. Zo dient de aannemer aan te geven of, en zo ja, op welke wijze de nakoming van zijn verplichtingen tot uitvoering van het werk en zijn aansprakelijkheid voor gebreken door een verzekering of een andere financiële zekerheid is of zal worden gedekt.

-     5 % regeling
Bij de bouw van een woning door een bouwconsument heeft de consument op dit moment het recht om maximaal 5 % van de aanneemsom in te houden op de laatste termijn en dit bedrag in depot te storten bij de notaris. Drie maanden na de oplevering brengt de notaris het bedrag in beginsel in de macht van de aannemer, tenzij de consument zich beroept op een wettelijk opschortingsrecht. Onder de Wkb moet de aannemer de consument in de periode tussen 1 en 2 maanden na de oplevering schriftelijk in de gelegenheid stellen om aan te geven of hij van dit wettelijke opschortingsrecht gebruik wil maken. De aannemer stuurt hiervan een afschrift aan de notaris. De notaris zal drie maanden na de oplevering overgaan tot uitkering van het depot, indien hij het afschrift van de aannemer heeft ontvangen en de consument zich niet beroept op zijn wettelijke opschortingsrecht. De aannemer kan vervangende zekerheid stellen (bijv. een bankgarantie), in welk geval het depot alsnog in de macht van de aannemer wordt gebracht. Onder de Wkb wordt benadrukt dat het moet gaan om een aan het depot gelijkwaardige zekerheid.

Private kwaliteitsborging

Onder het huidige recht verleent het bevoegd gezag (meestal het college van burgemeester en wethouders van de betreffende gemeente) een omgevingsvergunning voor het bouwen. De vergunning wordt verleend indien het op basis van de aanvraag van de vergunning aannemelijk is dat het bouwen van het bouwwerk voldoet aan de bouwtechnische voorschriften. U kunt hierbij denken aan voorschriften uit het oogpunt van veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en milieu. Het bevoegd gezag houdt toezicht op de naleving van deze voorschriften en de omgevingsvergunning met de daaraan gekoppelde voorschriften.

Onder de Wkb draagt de markt zelf de verantwoordelijkheid voor de kwaliteitsborging in de bouw. Een onafhankelijke private kwaliteitsborger toetst of de bouw van het bouwwerk voldoet aan de bouwtechnische voorschriften. De kwaliteitsborger doet dit door toepassing van een instrument. Een instrument is een soort beoordelingsmethodiek, gericht op de integrale beoordeling van het bouwen van een bouwwerk aan de bouwtechnische voorschriften. De bedoeling is dat marktpartijen (zogenoemde instrumentaanbieders) dergelijke instrumenten gaan ontwikkelen. Een instrumentaanbieder verleent toestemming aan een kwaliteitsborger om zijn instrument toe te passen. De publiekrechtelijke toelatingsorganisatie toetst of een instrument voldoet aan de daaraan gestelde regels en houdt toezicht op de naleving van die regels. De toelatingsorganisatie houdt een openbaar register bij waarin onder meer de toegelaten instrumenten en instrumentaanbieders zijn opgenomen.

In de memorie van toelichting op de Wkb wordt het systeem als volgt weergegeven:


Bouwwerken worden ingedeeld in een gevolgklasse. Naarmate de mogelijke gevolgen bij een calamiteit groter worden, neem de gevolgklasse toe.

Degene die een bouwwerk wil (ver)bouwen (bijvoorbeeld een opdrachtgever) kiest een instrument voor kwaliteitsborging dat geschikt is voor het type bouwwerk (de juiste gevolgklasse) en een kwaliteitsborger.

Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning wordt door het bevoegd gezag getoetst of gebruik wordt gemaakt van een toegelaten instrument dat geschikt is voor het type bouwwerk. Ook wordt getoetst of dit instrument met toestemming van de instrumentaanbieder door een kwaliteitsborger wordt toegepast. Dit is in de memorie van toelichting op de Wkb als volgt schematisch weergegeven:

 
De Wkb zal bij inwerkingtreding alleen gelden voor bouwwerken die vallen onder gevolgklasse 1. In deze klasse vallen onder meer grondgebonden woningen, woonboten, recreatiewoningen, bedrijfspanden van maximaal 2 bouwlagen en fiets- en voetgangersbruggen (niet hoger dan 20 meter).

Voor de zwaardere gevolgklassen geldt het systeem van private kwaliteitsborging vooralsnog niet. Wel worden er al enkele proefprojecten voor deze gevolgklassen uitgevoerd.

Vervolg

Inwerkingtreding van de Wkb is voorzien per 1 januari 2021. De overheid en marktpartijen zullen (verdere) voorbereidingen moeten treffen om het stelsel voor private kwaliteitsborging mogelijk te maken.

Mocht u vragen hebben over de Wkb, dan kunt u contact opnemen met de specialisten Bouwrecht van KienhuisHoving.

 

Share on