KienhuisHoving-Academy KienhuisHoving-Academy
Website
KienhuisHoving-Academy

WAB: een oplossing voor de knelpunten in de ketenbepaling?

Geplaatst op 1 februari 2019 10:37 door Niels Vuik

Brengt het wetsvoorstel Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) de gewenste flexibiliteit terug met betrekking tot de ketenbepaling?

Wat houdt de ketenbepaling in?

De ketenbepaling regelt wanneer elkaar opvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd overgaan in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is de norm. Hoofdregel is de 3x2x6-regel:

  • maximaal drie tijdelijke arbeidsovereenkomsten;
  • maximaal voor een periode van twee jaar (inclusief tussenpozen); en
  • maximaal tussenpozen van zes maanden.

Als de reeks tijdelijke arbeidsovereenkomsten binnen deze grenzen blijft, dan ontstaat er geen arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Welke veranderingen heeft de regering voor ogen?

De regering constateert een aantal knelpunten bij de toepassing van de ketenbepaling. Deze knelpunten houden verband met het feit dat werkgevers bij de huidige toepassing van de ketenbepaling niet altijd de flexibiliteit hebben die voor hen noodzakelijk is.

Verandering 1: een verlenging van de maximumtermijn van twee naar drie jaar, oftewel de 3x2x6-regel wordt de 3x3x6-regel.

De regering beoogt met de verruiming van de periode van de ketenbepaling de aard van het werk centraal te stellen door de werkgever de ruimte te geven en te voorzien in de behoefte voor flexibiliteit waar dat nodig is bij het aangaan van de arbeidsrelatie. Een werknemer bouwt met een langere maximumtermijn meer werkervaring op en dat kan doorslaggevend zijn voor de werkgever om de persoon na die periode een contract voor onbepaalde tijd aan te bieden. Tevens biedt dit meer ruimte bij twijfel over de mogelijkheid om een werknemer structureel in te kunnen zetten. Ook is het mogelijk dat hierdoor de druk in de sectoren afneemt om bij cao -waar mogelijk- afwijkende afspraken te maken.

Verandering 2: introductie van de mogelijkheid om bij cao de tussenpoos te verkorten naar drie maanden indien het terugkerend tijdelijk werk betreft.

De regering vindt dat -anders dan nu het geval is- niet alleen in geval van seizoenswerk ruimte moet zijn om sectoraal te kunnen afwijken van de lengte van de tussenpoos, maar ook als de aard van het werk daarom vraagt. Dit is ook het geval bij terugkerend tijdelijk werk dat voor ten hoogste negen maanden per jaar kan worden verricht. Hierbij kan worden gedacht aan functies in de culturele sector of trainers bij sportclubs die bijvoorbeeld een stop hebben van drie maanden.

Voorts wordt in dit wetsvoorstel geregeld dat als in een bepaalde sector het niet mogelijk is om tot een collectieve arbeidsovereenkomst te komen de Stichting van de Arbeid de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan verzoeken om de tussenpozen voor bepaalde functies bij ministeriële regeling te verkorten.

Verandering 3: een uitzondering van de ketenbepaling voor invalkrachten in het basisonderwijs en speciaal onderwijs bij vervanging wegens ziekte.

Momenteel is in de regeling ketenbepaling bijzondere functies en hogere vergoeding kantonrechter bepaald dat voorgenoemde uitzondering bij onder andere cao kan worden gemaakt. De uitzondering voorziet in een duidelijke behoefte en daarom vindt de regering het onwenselijk om de uitzondering in de toekomst afhankelijk te maken van cao-onderhandelingen.

Deze verandering maakt het beter mogelijk voor schoolbesturen in geval van ziekteverzuim een oplossing te vinden die in het belang is van de continuïteit van het onderwijs. Dan kan zo nodig ook extra personeel worden aangetrokken dat telkens voor korte duur kan worden ingezet.

Conclusie

De keten is verruimd, of dit het moment van het afscheid nemen van de werknemer voorkomt of enkel uitstelt, zal moeten blijken en met name afhangen van het in het wetsvoorstel voorgestane om de gevolgen voor de werkgever minder groot te maken van het hebben van een werknemer in vaste-, dan wel in tijdelijke dienst.

Voorts ben ik er een voorstander van de aard van het werk centraal te stellen en de werkgever en cao-partijen meer ruimte te geven voor maatwerk. Waar de ketenbepaling in de praktijk voor problemen zorgt in het kader van terugkerende tijdelijke arbeid en invalkrachten in het onderwijs bij vervanging wegens ziekte, reageert het wetsvoorstel met oplossingen om de ketenbepaling niet aan de gewenste flexibiliteit in de weg te laten staan.

Al met al ontwikkelingen die bij realisering de praktijk vooruit kunnen helpen.

Wilt u meer informatie? Neem dan contact op met Niels Vuik.