KienhuisHoving-Academy KienhuisHoving-Academy
Website
KienhuisHoving-Academy

Verpanding van bankrekening

Geplaatst op 8 juni 2015 10:57

Een recente uitspraak van het Gerechtshof Den Bosch op 28 april 2015 (ECLI:NL:GHSHE:2015:1582) gaat in op de vraag in hoeverre een verpande vordering bepaalbaar moet zijn. Volgens het Hof blijft het pandrecht van de bank ook rusten op de vordering van de rekeninghouder op de bank als het bedrag op die rekening wordt overgemaakt naar een andere door deze persoon gehouden rekening.

Feiten van de casus
De betrokken partijen zijn de heer Schoenmaeckers en de ING Bank.  Mevrouw Schoenmaeckers is enig bestuurder van Limburg Travel B.V. en Limburg Travel B.V. sluit in 2007 een kredietovereenkomst met ING voor EUR 240.000. Om zich van verhaal te verzekeren, stelt ING als voorwaarde dat de heer Schoenmaeckers een ING Depositorekening opent, op die rekening een bedrag van EUR 240.000 stort en de bankrekening aan de ING verpandt. De betreffende pandakte verwijst naar “alle vorderingen die hij tegenover de bank nu of te eniger tijd kan doen gelden uit hoofde van: op ING Bank Depositorekening, rekening nummer [X], […] tot een totaalbedrag van EUR 240.000,- […].”
Vervolgens is het bedrag twee keer overgeboekt naar andere rekeningen op naam van de heer Schoenmaeckers. Na de eerste overboeking heeft de heer Schoenmaeckers een pandakte met een gewijzigd rekeningnummer ondertekend, maar na de tweede overboeking niet. Vervolgens is Limburg Travel B.V. in 2013 failliet verklaard, zonder dat de lening is terugbetaald. ING Bank zoekt vervolgens verhaal op de bankrekening van Schoenmaeckers.


Het oordeel in eerste instantie
In een kort geding voor de Rechtbank Limburg vordert Schoenmaeckers verbod van verhaal door ING op zijn bankrekening. Hij stelt dat het pandrecht slechts rustte op de specifiek genoemde bankrekening in de pandakte en niet op de bankrekening waarop het saldo nadien is overgemaakt. Volgens de Rechtbank is het pandrecht echter gevestigd op de vordering van Schoenmaeckers op ING, en is de bankrekening slechts een administratief hulpmiddel om te bepalen om welke vordering het gaat. Ook de vordering van Schoenmaeckers op ING uit hoofde van de opvolgende bankrekening valt dus onder het pandrecht van ING. De vorderingen van Schoenmaeckers worden afgewezen.


Het oordeel in hoger beroep
Schoenmaeckers gaat tegen dit oordeel in hoger beroep bij Hof Den Bosch. Volgens het Hof komt het voor de bepaling van de inhoud van de pandakte, mede aan op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan elkaars verklaringen en gedragingen mochten toekennen, en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Daarbij is van belang dat slechts noodzakelijk is dat de vordering voldoende bepaalbaar is.
In dit geval dienden de partijen over en weer redelijkerwijs te begrijpen dat het pandrecht op de vordering van Schoenmaeckers jegens ING zou blijven rusten, ook na overboeking van het saldo naar een andere rekening. In beginsel leidt verpanding van een vordering uit hoofde van een specifieke bankrekening niet tevens tot verpanding van een vordering op grond van een andere bankrekening, maar in dit geval was niet beoogd om een andere vordering te verpanden. Het doel van de toezending van de nieuwe pandakten was slechts de pandakte in overeenstemming te brengen met de actuele situatie. Schoenmaeckers had dus niet kunnen concluderen dat het pandrecht na de overboeking van het bedrag teniet was gegaan. Het Hof bevestigt de uitspraak van de Rechtbank Limburg.

Gevolgen voor de praktijk
Dit arrest bevestigt dat bij verpanding van een bankrekening, een vordering wordt verpand en niet de bankrekening zelf. Het rekeningnummer is een hulpmiddel om te bepalen om welke vordering het gaat. Neemt u voor vragen over de verschaffing van zekerheden bij het aangaan van financieringsovereenkomsten contact op met de sectie Banking & Finance van KienhuisHoving.

(Blog oud-medewerker M. Tjon Akon, specialisme Banking & Finance)

 

Delen op