KienhuisHoving-Academy KienhuisHoving-Academy
Website
KienhuisHoving-Academy

Pensioenplan Rutte III

Iedere werknemer krijgt straks zijn eigen pensioenpotje. Worden veertigers de dupe van het nieuwe pensioensysteem?

In het regeerakkoord is aan de pensioenparagraaf ruim aandacht besteed. Het kabinet heeft dan ook ambitieuze plannen met ons pensioen. Zo wil men het huidige pensioenstelsel grondig herzien. De uitvoering daarvan zal overigens nog geruime tijd in beslag nemen. Naar verwachting zal wetgeving op dit punt pas na 2020 tot stand komen.

Het wijzigen van het pensioenstelsel kan ingrijpende gevolgen hebben voor werkgevers en werknemers. Wat staat ons te wachten? De belangrijkste aspecten van een nieuw in te voeren stelsel zijn de volgende:

  • Iedere werknemer krijgt zijn eigen individuele spaarpot. Het beleggen van het daarin opgenomen pensioenkapitaal zal zoveel mogelijk op collectieve basis gebeuren.
  • Er blijft sprake van collectieve risicodeling waardoor, ondanks het feit dat er sprake is van individuele pensioenvermogens, een levenslange uitkering gegarandeerd blijft.
  • De zogenaamde doorsneessystematiek zal komen te vervallen. De pensioenpremie blijft voor alle leeftijden gelijk, maar de pensioenopbouw wordt leeftijdsafhankelijk. Omdat de prijs van pensioenopbouw voor jongeren lager is, zal er bij gelijke premies dus een degressieve opbouw van pensioen tot stand komen: des te ouder de werknemer is, des te minder pensioen zal hij daardoor per jaar opbouwen.

Voor met name werknemers die halverwege hun carrière zitten, levert de nieuwe methodiek grote nadelen op. Zij hebben immers in de achterliggende periode deels het pensioen van oudere collega's gefinancierd. Nu zij op het punt staan om zelf te profiteren van de doorsneesystematiek worden zij in het nieuwe systeem geconfronteerd met een lagere toekomstige pensioenopbouw. Om deze groep werknemers niet tussen wal en schip te laten vallen is het de bedoeling dat er een overgangsregeling komt. Er is becijferd dat de kosten daarvan tussen de € 50 miljard en € 100 miljard uitkomen. De nieuwe regering wil hier financieel aan bijdragen, maar deze bijdrage zal beperkt zijn nu dit geen effect mag hebben op de houdbaarheid op lange termijn van de overheidsfinanciën.

Zoals aangegeven zal het nog wel enkele jaren duren voordat een en ander in de wettelijke regeling is opgenomen. In de tussentijd kan er nog veel veranderen in deze plannen. De gevolgen van een nieuw pensioenstelsel zullen in ieder geval groot zijn. Zo zal verhoudingsgewijs de pensioenopbouw voor jongeren stijgen terwijl deze voor ouderen juist kleiner wordt. Het ligt in de lijn der verwachting dat hierdoor de arbeidskosten van met name jongere werknemers uiteindelijk zullen gaan toenemen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Carl Luijken.