KienhuisHoving-Academy KienhuisHoving-Academy
Website
KienhuisHoving-Academy

Misbruik algemeenbelanguitzondering Markt&Overheid aangepakt

In eerdere blogs heb ik kanttekeningen geplaatst bij de effectiviteit van de Wet markt en overheid. In de praktijk bleek dat veel overheden van de algemeenbelanguitzondering gebruik maakten om de gedragsregels uit die wet niet te hoeven naleven.

In veel gevallen was voor het toepassen van die uitzondering overigens een goede reden, maar in sommige gevallen ook niet. In die gevallen hebben klagende ondernemers soms een gang naar de rechter gemaakt. De rechter toetste vervolgens of de betrokken overheden het algemeenbelangbesluit zorgvuldig hadden voorbereid en hadden gemotiveerd. Dat leidde tot wisselende successen. De recente gang naar de rechter van een aantal exploitanten van parkeergarages in de gemeente Veenendaal was wel succesvol.

Geconfronteerd met dalende bezoekersaantallen van de binnenstad dacht de gemeente na over oplossingen. Eén van de oplossingen was een proef om bezoekers gedurende een periode van dertien maanden op zaterdagen gratis van de gemeentelijke parkeergarages gebruik te laten maken. Om dat mogelijk te maken nam de gemeenteraad een algemeenbelangbesluit. Dat was echter tegen het zere been van de private exploitanten van parkeergarages in de gemeente.

Met succes hebben zij zich opnieuw tot de bestuursrechter gewend. Daar waar de bestuursrechter begin dit jaar het verlengingsbesluit schorste, vernietigt de bestuursrechter nu het initiële algemeenbelangbesluit, omdat de gemeente Veenendaal dat besluit niet zorgvuldig had voorbereid. Volgens de bestuursrechter heeft de gemeente onvoldoende onderbouwd op welke wijze de proef met gratis parkeren zou leiden tot het vergroten van de bezoekersaantallen; zeker in het licht van proeven in andere gemeenten waaruit zou zijn gebleken dat die proeven geen positieve effecten hebben gehad. Verder heeft de gemeente Veenendaal bij de voorbereiding van het algemeenbelangbesluit geen rekening gehouden met de belangen van onder meer de private exploitanten.

Dit voorbeeld illustreert mijn eerdere conclusie dat het zorgvuldigheidsbeginsel een effectievere bescherming biedt tegen oneerlijke overheidsconcurrentie dan de Wet markt en overheid.

Dit beeld was ook al uit de evaluatie van de Wet markt en overheid gebleken. Op basis van de resultaten van de evaluatie kondigde minister Kamp een wetswijziging aan. Op 1 september jl. is het conceptwetsvoorstel ter consultatie gepubliceerd. Met deze wetswijziging komt de wetgever tegemoet aan de roep om een zorgvuldige voorbereiding en een betere motivering van algemeenbelangbesluiten.

De belangrijkste onderwerpen zijn dat overheden de zogenoemde uniforme openbare voorbereidingsprocedure uit de Algemene wet bestuursrecht zullen moeten volgen wanneer zij een algemeenbelangbesluit willen nemen. Verder dienen overheden bepaalde motiveringseisen in acht te nemen, zoals een beschrijving van de economische activiteit en van het algemeen belang dat zal worden gediend, een uiteenzetting waarom de algemeenbelanguitzondering noodzakelijk is, een beschrijving van de gevolgen voor ondernemers en een kenbare belangenafweging. Wanneer eenmaal een algemeenbelangbesluit is genomen, dient de overheid dit besluit na een periode van vijf jaar te evalueren, waarbij de evaluatie openbaar gemaakt dient te worden.

De wetswijziging heeft ook gevolgen voor reeds genomen algemeenbelangbesluiten. Dergelijke besluiten dienen eveneens binnen een periode van vijf jaar geëvalueerd te worden. De wetgever komt overheden hier overigens tegemoet door die termijn eerst te laten ingaan op de datum waarop de wetswijziging in werking treedt.

Het is uiteraard afwachten of dit voorstel in deze vorm tot wet zal worden, maar deze concepttekst lijkt een goede aanzet te vormen dat de algemeenbelanguitzondering uitsluitend wordt gebruikt voor die situaties waarin daadwerkelijk een algemeen belang in het geding is. Of dit voorstel de eindstreep haalt, is afhankelijk van de effectiviteit van de lobby van de diverse belanghebbenden.