KienhuisHoving-Academy KienhuisHoving-Academy
Website
KienhuisHoving-Academy

Beroep op dwaling gehonoreerd in een renteswapzaak

In de afgelopen maanden krijgen renteswaps steeds meer aandacht in de rechtspraak en in de media.

In vorige blogs hebben wij de kenmerken van een renteswap en de hoofdlijnen van de jurisprudentie uiteengezet (https://www.kienhuishoving.nl/nl/blogs/rentederivaten-goedkoop-en-snel-klachtenloket-beschikbaar/ en https://www.kienhuishoving.nl/nl/blogs/moeizame-herbeoordeling-dienstverlening-bij-rentederivaten-door-banken/). De veroordeling van banken tot betaling van een bepaald bedrag aan de ondernemer was tot nu toe steeds gebaseerd op het onrechtmatig handelen van de bank door het schenden van hun zorgplicht jegens de ondernemer. Het Gerechtshof Amsterdam heeft op 15 september 2015 een arrest gewezen waarin de rechter voor het eerst een verdergaand beroep op dwaling honoreert.

Wat is een renteswap ook alweer?

Banken lenen vaak alleen geld uit aan ondernemers tegen een variabele financieringsrente plus opslag. Een renteswap is een overeenkomst tussen de bank en de ondernemer, die de variabele financieringsrente (maar niet de opslag!) ruilt tegen een vaste swaprente. De ondernemer betaalt dan netto alleen de vaste swaprente plus de opslag op de financieringsrente.

Inlichtingsverplichting bank

In de rechtspraak is bepaald dat banken in het kader van hun zorgplicht ondernemers voorafgaand aan het aangaan van een renteswap moeten wijzen op de werking van een renteswap en de risico’s die een renteswap met zich brengt. Zo’n risico wordt, bijvoorbeeld, verwezenlijkt bij tussentijdse aflossing van de onderliggende financiering. Op dat moment moet ook het swapcontract worden afgerekend. Indien intussen de variabele financieringsrente ten opzichte van de swaprente is gedaald, ontstaat een negatieve contante waarde in de renteswap die de ondernemer moet vergoeden aan de bank.

Uitspraak Gerechtshof Amsterdam van 15 september 2015

Een ondernemer heeft een renteswap afgesloten bij ING. Om een mogelijke negatieve waarde te kunnen betalen, heeft de ondernemer op advies van ING een extra kredietfaciliteit bij ING afgesloten.

Door de alsmaar dalende financieringsrente en de daardoor ontstane negatieve waarde, is de kredietfaciliteit verhoogd. Hierdoor is het risicoprofiel van de ondernemer verslechterd en de opslag op de financieringsrente verhoogd. De ondernemer heeft daarop de geldleningen bij een andere bank geherfinancierd.

Over het risico van een negatieve waarde en het daaropvolgende gebruik van de kredietfaciliteit is voorafgaand aan het aangaan van de renteswap tussen partijen niet gesproken. Dit is in strijd met de inlichtingsplicht van ING. Het Gerechtshof Amsterdam neemt aan dat de ondernemer de overeenkomst niet zou zijn aangegaan, indien ING de ondernemer over de kredietfaciliteit had ingelicht. Het verweer van ING dat de extra kredietfaciliteit een ‘kosteloos extraatje’ betrof, gaat niet op. De ondernemer heeft immers zekerheden moeten stellen die ING in het kader van de kredietfaciliteit kan uitwinnen. Het beroep op dwaling werd door het Gerechtshof gehonoreerd, met veroordeling van ING tot terugbetaling van alle bedragen die de ondernemer in het kader van de renteswap aan ING had betaald.

Als gezegd, is in deze zaak voor het eerst een beroep op dwaling in geval van een renteswap gehonoreerd. Het gevolg van zo’n geslaagd beroep is dat de bank gehouden is om alle onder de renteswap door de ondernemer (netto) aan de bank betaalde bedragen terug te betalen. Doorgaans zal dit een hoger bedrag zijn dan de in het kader van onrechtmatige daad toe te kennen schadevergoeding. De vraag is nu of met deze uitspraak de deur naar meer succesvolle claims op grond van dwaling is opengezet.

Heeft u een vraag met betrekking tot renteswaps, neem dan contact op met KienhuisHoving advocaten en notarissen, sectie Banking & Finance.

 

 

Delen op