Aandachtspunten bij het uitkeren van dividend

Geplaatst op 6 december 2023 09:54 door Matthijs van Rozen
Geschatte leestijd: 4 minuten

In 2024 verandert het tarief van Box 2 in de inkomstenbelasting. Veel ondernemers zullen bekijken of een uitkering in 2023 of juist in 2024 wenselijk is. Daarbij moet ook aan de juridische vereisten voor uitkeringen worden gedacht.

Dit blog heeft betrekking op de -veelvoorkomende- situatie dat een DGA dividend uit de B.V. (de holding) aan zichzelf in privé wil uitkeren. Die uitkering wordt in de regel belast in Box 2 in de inkomstenbelasting. Hierbij zijn vaak de financiële en fiscale redenen leidend, maar moeten ook bepaalde juridische kaders in acht genomen worden.

Wettelijke regeling voor uitkeringen

De wet bepaalt (in artikel 2:216 lid 1 Burgerlijk Wetboek) dat de aandeelhoudersvergadering van een B.V. de winst kan bestemmen en uitkeringen mag vaststellen. Maar voordat de B.V. kan uitkeren, zijn er diverse vereisten.

1: Balanstest door het bestuur

Eerst moet het bestuur van de B.V. een zogeheten balanstest uitvoeren. Bij de balanstest toetst het bestuur van de vennootschap of na de uitkering het eigen vermogen nog steeds groter is dan de wettelijke en statutaire reserves tezamen.

Wettelijke en statutaire reserves komen niet vaak voor. Maar zijn zij wel aanwezig, dan beperkt dit de ruimte voor uitkeringen, een overschrijding kan nietig zijn. Het is dus van belang een blik te werpen op de balans en de statuten. 

Oudere statuten, vóór 2012, bevatten soms nog andere beperkingen die vaak referen aan de toenmalige wettekst. Hierover wordt in de rechtspraak verschillend gedacht. Bij mogelijke onduidelijkheden dienen de statuten daarom vooraf geactualiseerd te worden.

2: Besluit

Vervolgens besluit de algemene vergadering tot uitkering, kort gezegd aan wie welk bedrag toekomt.
Ook hier is het goed om in de statuten te kijken of er beperkingen zijn, bijvoorbeeld aandelen zonder winstrecht of met een beperkt winstrecht. Soms zijn dergelijke bepalingen uit het verleden in statuten blijven staan.

Controleer daarom in de statuten:
-delen alle aandelen in de winst mee ?
-zijn er ingekochte aandelen (die niet in de winst mee delen)?
-zijn er statutaire reserves ?
- zijn er andere statutaire bepalingen die de mogelijkheden tot uitkeringen beperken.

Als in december wordt besloten om (alvast) een deel van de winst uit te keren, is dat een voorschot op de (jaarwinst), ofwel interim dividend.  Ook dan moet de balanstest worden gevolgd.

Let op: naar de letter komen alleen volgestorte aandelen in aanmerking voor uitkering.

3: Uitkeringstoets bestuur en aansprakelijkheid

Daarna komt een belangrijke stap. Het besluit van de aandeelhouders moet nog worden goedgekeurd door het bestuur. Tot dat moment heeft het besluit geen gevolgen/werking.
Het bestuur moet beoordelen of de vennootschap na de uitkering van het dividend nog zal kunnen doorgaan met het betalen van (voorzienbare) verplichtingen. Daarbij zal een goed beeld moeten bestaan van de verplichting.

Ziet het bestuur hierin risico’s, dan moet zij de goedkeuring weigeren en komt de uitkering niet tot stand. Verleent het bestuur de goedkeuring (achteraf) onterecht, dan kan het bestuur hiervoor zelf persoonlijk aansprakelijk zijn. Met name als niet alle aandeelhouders ook bestuurder zijn, is dit een aandachtspunt. Een financiële onderbouwing is altijd wenselijk.

Wordt de uitkering schuldig gebleven en pas later betaald ? Dan moet ook op het moment van uitbetaling (nogmaals) een uitkeringstoets plaatsvinden. Pas op dat moment verlaat de betaling het vermogen van de vennootschap.

Aansprakelijkheid aandeelhouders


Liggen alle risico’s voor een niet-toegestane uitkering dan bij het bestuur ? Nee, ook de aandeelhouder die de uitkering ontving terwijl hij wist of hoorde te weten dat de vennootschap na de uitkering in financiële problemen zou komen, moet de uitkering vergoeden. Als bestuurder en aandeelhouder dezelfde persoon zijn, zal dit snel het geval zijn.

Anders wordt het als de uitkering op grond van de balanstest reeds niet mogelijk was. Dan is de uitkering nietig (want niet mogelijk) en moet terugbetaling plaatsvinden.

Meer weten?

Heeft u vragen over een uitkering of het opstellen van de besluitvorming ? Neem dan contact met ons op.

 Matthijs van Rozen